25 januari 2019 | “Grenzen zijn voor mensen die niet weten waar naartoe”, zingt de Vlaamse zangeres Mira. Ze kleurt met haar liedje de keuken, waar we net klaar zijn met het avondeten. Lang leve… Spotify! Als ik even nadenk welke grenzen vandaag de revue zijn gepasseerd en al dan niet overschreden, dan blijkt dat grenzen al even aanwezig zijn in een mensenleven als het automatisme van de mens om in en uit te ademen en zo in leven te blijven.

Te laat komen lijkt in Engeland een doodszonde. Dus botsten we vanmiddag op de grens van het geduld omdat we behoorlijk lang moesten wachten voor een afspraak, waarvoor we ruim op tijd kwamen opdagen. Een uurtje later flirtte ik met de grens van het ongeduld tijdens een telefoongesprek in een poging een recent afgesloten lidmaatschap in orde te brengen. De man aan de andere kant van de lijn bleef volhouden dan niet ik kon optreden in naam van mijn partner, alsof het een staatsgevaarlijke uitwisseling van informatie bleek. Doodmoe vocht ik nadien tegen de grens van in slaap vallen. Een middagdutje kan toch zo heerlijk zijn.

Tijdens een wandeling vroegen we ons af waarom mensen rond hun landerijen en tuinen grenzen optrekken, om – voor welke reden dan ook – soortgenoten of dieren van een ander allooi niet toe te laten. Toegegeven, de honderden kilometer hagen en heggen die het landschap hier sieren, maken net deel uit van de charme en aantrekkelijkheid van het Engelse platteland. Te bewonderen zijn de mensen die het oude systeem van hagen aanplanten en creëren nog hanteren. Het is een eenvoudig recept. Stekjes van meidoorn en sleedoorn worden op gezette afstand in de grond geplant waar de heg moet komen. Na vijf tot tien jaar groei, worden de stammen van de struikjes, die dan om en bij de vijf centimeter dik zijn, net boven de zwaar doorkliefd en platgedrukt, waardoor de volgende jaren op elke platliggende stam tientallen scheuten uitschieten om de uiteindelijke heg te gaan vormen.

En ook in de pub, waar we na een natte winderige wandeling na valavond terecht kwamen, overschreden we een grens. We hadden ons in een would-be Chesterfield geïnstalleerd. Toen we na een poos aanstalten maakten om te vertrekken, informeerden twee mannen van middelbare leeftijd of we weg gingen, wat we beaamden. Ze opperden dat we geen Engelsen waren, wat we bevestigden en meteen meedeelden dat we al wel een poos in de streek woonden. Voor het eerst kwam de Brexit ter sprake. Britten houden hun Brexit-mening geheel voor zich. Maar we kwamen niet meer te weten dat ze voor het behoud in de Europese Unie hadden gestemd. Vragen waarom het allemaal zo ver was gekomen, zou wellicht een brug te ver zijn.

Please follow and like: