19 februari 2019 | Ondanks het zonnige weer niet heel veel buitenlucht vandaag. Dinsdag komt de archeologische werkgroep van de regionale heemkundige kring samen en dat betekent meestal een voormiddag frisse lucht inademen. Maar vorige week werkten we een veld af en was de coördinator van de groep er nog niet in geslaagd toestemming te krijgen om veldonderzoek uit te voeren op het beoogde stuk landbouwgrond. Dus onderzochten, trieerden en noteerden we de buit van vorige veldtochten, uitgenomen die van vorige week. De opdracht was duidelijk: gooi alles weg behalve die vuurstenen die mogelijk resten (of als we heel veel geluk hebben, hele stukken) van vuurstenen schrapers, stekers en pijlpunten. Dat lijkt makkelijk op het eerste zicht, maar dat is het natuurlijk niet.

Van de hoeveelheid mogelijk interessante stenen die we als vrijwillige amateurarcheologen weerhouden, gooit de professionele archeologe van de groep, een doorwinterde dame van meer dan 70 jaar, er zonder aarzelen meer dan 90 procent in de ‘bin’, een emmer die naast de tafel staat en al snel vol geraakt. Wat overblijft daar kijkt ze nauwkeuriger naar en als ze er meer dan tien seconden met een loepje onder een lamp die helder licht uitstraalt naar een vuursteen kijkt dan is de kans groot dat het kleine werktuig het mompelende predicaat ‘not bad’ meekrijgt. Het kleinood – dat moeilijk te onderscheiden is van stukjes steen die in de moderne tijd door het blad van een ploeg aan stukken zijn geslagen – gaat dan meestal voorzichtig van hand tot hand, wat we moeten natuurlijk ook wat bijleren en de vinder van de vuursteen in kwestie die uit de groep komt, krijgt dan een schouderklopje. De archeologe gekscheert dan steeds dat ook zij er niet veel van af weet – wat natuurlijk niet zo is – en dat de archeologen van de universiteit er maar moeten naar kijken. “Indien ze ten minste de moeite willen doen”, komt er steevast achteraan.

Maar er zijn mensen die minder makkelijke dinsdagen doorbrengen. Zo kijkt de Britse Eerste minister Theresa May tegen een haast uitzichtloze Brexit-situatie aan. Ze wierp vandaag naar de Brexit-hardliners op dat ze haar niet kan vinden in het alternatief dat ze hebben voorgelegd om de gevreesde ‘backstop’ – een permanente grens tussen Noord-Ierland en de Ierse Republiek – te vermijden. Morgenavond reist May net zoals vorige week nog eens naar Brussel voor overleg op het hoogste niveau, terwijl de Britse Brexit-minister Stephen Barclay gisteren al mocht gaan praten met de Brexit-onderhandelaar van de Europese Unie. Veel vooruitgang is er niet. May heeft nog tot volgende week dinsdag de tijd, want dan moet ze voor de vierde keer op een paar maanden tijd weer een spervuur van amendementen proberen te doorstaan. De geschiedenis herhaalt zich, haast elke week.