27 februari 2019 | Hoofdstuk zoveel in de Brexit-saga. Geen beslissende stemmingen vandaag in het Britse Lagerhuis. Wel vier stemmingen over moties ingediend door leden van het parlement, maar geen verrassingen. Het overgrote deel van de parlementsleden steunden een motie van een oppositie Labourlid dat de Eerste minister Theresa May haar belofte moet houden om als het zover is dat er gestemd wordt voor het verlengen van artikel 50, wat er bij goedkeuring door het parlement zou op neerkomen dat de scheidingsdatum van 29 maart kan worden verlengd. Hoe lang is niet duidelijk. May beloofde gisteren dat over zo’n verlenging kan worden gestemd als twee dagen eerder (op 12 maart) de beslissende stemming over de huidige overeenkomst opnieuw in haar nadeel uitdraait. Dus als er geen meerderheid is voor de scheidingsovereenkomst die ze heeft besproken met de 27 andere leden van de Europese Unie. Bent u het nog niet beu?

Aangezien het heerlijke lenteweer het eiland (en ook het Europese vasteland) nog steeds in zijn grip heeft, trok ik de hele voormiddag door velden en over wegen. De natuur staat te popelen om ten volle tot ontluiken te komen: vroege fruitbomen staan in bloei, kauwen vliegen met takken door de lucht om hun nesten op te frissen, ruiters te paard sjokken over de openbare ruiterpaden. De ruiters hoorde ik van ver aankomen. Twee dames te paard kwamen luid pratend mijn richting uit. Ik stond op de wandelkaart te kijken om me te oriënteren, als wist ik waar ik naartoe moest. “Ben je verloren gelopen?” vroeg een van de vrouwen geamuseerd. “Neen hoor”, zei ik, “ik kijk even op de kaart om alle herkenningspunten die ik zie er daadwerkelijk opstaan.” (Wat natuurlijk zo is). “Waar moet je naartoe?” riep ze me toe. “Naar Coston, over dit pad”, zei ik gedecideerd. “Naar waar?” vroeg ze me nog eens en ze zei me dat ze hardhorig is. Vandaar het luide gepraat, dacht ik. “Naar Coston”, herhaalde ik. “Oh ja, naar Coston”, bevestigde ze verwonderd, terwijl ze Coston helemaal anders uitsprak. Het lokale dialect? We keuvelden met zijn drieën nog wat verder over het landschap (Mooi, niet?), de jagers (Stoort dat niet?) en het lenteweer (Prachtig hoor).

Later op de middag hoorde ik een verslag over het weer van precies een jaar geleden. Het vroor dat het kraakte en de sneeuw hoopte zich op. Een deskundige wist te vertellen dat we ook niet moeten gaan overdrijven over de klimaatopwarming, al bevestigde ze dat het wel een feit is dat de aarde opwarmt, maar we moeten een verschil maken tussen het weer van alledag (korte termijn) en het klimaat (op lange termijn). Ik duik straks nog in mijn boek over de geschiedenis van het Britse landschap, waar het gaat over een Kleine IJstijd zo omstreeks 800 jaar voor het begin van de moderne tijdsrekening.