Zondag 31 maart 2019 | Zaterdagavond 19 uur. Julia, een vriendelijke enigszins mollige jongedame vraag ons in restaurant Elsworth Kitchen, in het hartje van Skipton, of we beslist hebben wat we wensen te eten. De Liefde bestelt twee maal een risotto van tarwe met wilde champignons en artisjok. Ik kan die keuze alleen maar beamen. Ze vraagt waar we vandaag komen. Als we zeggen dat we in Rutland wonen, verschijnen er veel vraagtekens op haar aangezicht. Leicestershire proberen we dan maar… Dat graafschap flankeert de oostzijde van Rutland. Beide graafschappen vormden lange tijd tot 12 jaar geleden een administratieve eenheid. Rutland is het kleinste graafschap in Engeland en was doorheen de geschiedenis altijd een aparte entiteit, net zoals nu. We verblijven een weekend in de Yorkshire Dales, vertellen we. De jongedame informeert waar we in Skipton overnachten. Niet in de stad, zeggen we, maar in Kettlewell, waar we wandelden naar Arncliffe en Starbotton. Julia kent in die streek op een half uur rijden van Skipton verschillende mensen die in boerderijen en dorpjes wonen, dorpjes die nauwelijks enkele huizen tellen gelegen tussen de grotere rustieke woonkernen. Ze geeft ons een paar suggesties voor de dag nadien omdat we aangeven dat we naar Malham zullen rijden. Malham Cove is een aanrader. Daar zijn scenes opgenomen van Wuthering Heights, een film op basis van het gelijknamige boek van Emily Brontë; Steve Coogan’s The Trip; én – weet Julia – het eerste deel van Harry Potter and the Deadly Hallows, waarin Harry Potter het opneemt tegen Voldemort, de eeuwige slechterik in de filmreeks. De Liefde kent die scene, als een van de slotscenes uit de film. Ik moet helaas bekennen dat de avonturen van de tovenaarsleerling, in boekvorm en als films, aan me voorbij zijn gegaan. Julia raadt ons ook aan de zogenaamde Yorkshire Three Peaks te bezoeken: Pen-y-ghent (694 m), Whernside (736 m) en Ingleborough (723 m). Een wandeling langs de drie heuveltoppen bedraagt 40 km. 

Zondagochtend laten we de Yorkshire Three Peaks voor wat ze zijn, maar zetten vroeg aan in de richting van Malham. Vanuit Kettlewell rijden we het dal van de River Wharfe uit en nemen de afslag naar Arncliffe gelegen langs de River Skirfare. Even voorbij Arncliffe leidt Brootes Lane een typisch smalle weg met aan beide kanten mooi onderhouden ‘dry stone walls’ met een hellingspercentage van 15 procent naar de hoger gelegen drassige grasgebieden (‘pastures’) en heidegebieden (‘moors’) waar vanaf de sneeuw weg is tot die weer komt schapen grazen. Eenmaal boven zijn de zichten rond om rond adembenemend. Op de weg liggen drie veeroosters zodat de schapen op hun perceel blijven en het schaarse autoverkeer rustig door kan rijden. Het is opletten geblazen, want schapen en pasgeboren lammetjes liggen op de weg of lopen vlakbij. Enkele kilometer verder is de afdaling naar het volgende dal met een reeks haarspelbochten nog spectaculairder. Voor we Malham bereiken houden we halt aan Malham Tarn, een meer gevormd tijdens de laatste IJstijd, nu 12 millennia geleden. Het is een Brits natuurreservaat. Aan een kijkhut aan de rand van het uitgestrekte water dobberen twee wilde eenden. Teleurstellen… Even verder ligt een oud boothuis en nog eens tien minuten stappen blijkt het oorspronkelijke orchideeënhuis omgebouwd tot een knutselzolder voor kinderen die een workshop kunnen volgen bij de National Trust. Terug in de auto duurt het een tiental minuten voor we vanop Ewe Moor Malham in zicht krijgen. Buiten het dorp staat een stoet blinkende auto’s. Malham Cove trekt nogal wat bezoekers: families met jongere kinderen, kranige oudjes en alles daar tussenin. Op de parking van Yorkshire Dales National Park maken we ons klaar voor de wandeling van de dag. Via de ‘cove’, een gigantische is willen we vanop de top via de heuvelrug naar Gordale Scar wandelen, een suggestie van een vriend uit Zeeuws-Vlaanderen die ook een Engelandgek is.

Vanuit Malham loopt een netjes onderhouden met kalksteen verhard wandelpad tot aan de nis. Ik ben niet mensenschuw, maar dit is niet echt mijn ding. Het adembenemende zicht maakt het toch een bezoek waard. Foto’s maken zonder mensen in beeld is wat je zou kunnen noemen een uitdaging. Zelfs tegen de pakweg 90 meter hoe verticale licht gebogen rotswand zijn muurklimmers aan het oefenen. Wat me opvalt is dat in het hele gebied, dat eigendom is van de National Trust, geen verwijzing is naar Harry Potter. Een steil wandelpad geplaveid met treden leidt tot bovenop de nis. Daar is de kalksteen op vele plaatsen door smalle groeven uitgesleten. Tot aan de laatste IJstijd – ja, die periode heeft een grote stempel gedrukt op heel Groot-Brittannië – was er hier een grote waterval waar het gletsjerijs vanaf de ‘moors’ naar beneden denderde. De wandelweg van de top van Malham Cove tot aan de voet van Gordale Scar telt tientallen met ‘dry stone walls’ afgeboorde weiden, sommige nog volgens het typische middeleeuwse veldensysteem. In Gordale, dat bestaat uit drie boerderijen, staat langs de weg een caravan die koffie en braadworsten verkoopt. Alle stoeltjes zijn bezet. We wandelen er voorbij tot aan Gordale Scar. Het is even slikken. Best mooi. Het doet me denken aan een typische kloof (‘tarn’) in het zuiden van Frankrijk. Een waterval komt vanuit een van de verticale wanden op een plateau terecht waar een paar mensen triomfantelijk staan te zwaaien. Vanaf dat plateau is een tweede smallere waterval tot aan de voet van de ‘scar’.  Wetenschappers zijn niet zeker maar wellicht is de kloof ontstaan door het instorten van een grote holle rotsruimte. Even speel ik met de idee op tot boven de eerste waterval te klimmen, maar halverwege, nauwelijks een tiental meter hoog geef ik het op. Vanuit Gordale Scar wandelen we via Janet’s Cave en Janet’s Foss terug Malham. In de lichthellende en smalle vallei die vanuit Malham leidt naar Janet’s Foss loopt zorgen oude bomen voor veel schaduw en de beide flanken zijn volledig begroeid met wilde look. We denken beiden even aan een eenvoudige paste met een intens groene pesto van de bladeren van deze plant. Het is tijd om terug naar huis te rijden.